11 mei 2009Sluit venster
Het Next-Generation Supercomputer project in Japan wordt een uitdaging op zich
Amsterdam - Tijdens het PRACE/DEISA Symposium in Amsterdam, zette Ryutaro Himeno de vooruitgang van de Japanse supercomputer ontwikkeling uiteen in een presentatie met als titel "Next-Generation Supercomputer R&D Project in Japan and Grand Challenges in Life Sciences". Later tijdens de conferentie kwam het nieuws binnen vanuit Japan dat NEC uit het Next-Generation Supercomputer R&D Project stapte. Dit betekent een ernstige tegenslag voor het project omdat NEC het vectorgedeelte van het supercomputer systeem voor zijn rekening zou nemen, precies het deel dat de kracht van het supercomputer systeem omhoog stuwt voor de vele grootschalige toepassingen. Maar Himeno's presentatie gaf toch een mooi overzicht van de resultaten van het Next-Generation Supercomputer Project tot op heden.

Ryutaro Himeno is werkzaam aan het Riken Onderzoekscentrum. Momenteel bestaat het hoofd supercomputer complex bij Riken uit de RSCC, het Riken Super Combined Cluster. Dit is gebaseerd op het idee dat er geen enkele supercomputer architectuur bestaat die een brede waaier aan toepassingen aankan. Daarom bestaat RSCC uit 3 subsystemen: een Linux cluster met Xeon processoren, een NEC SX7 Vector Parallel computer en een MD-GRAPE3 computer. RSCC draait sedert 2005 en Riken diende een voorstel in bij het MEXT Ministerie voor een upgrade gebaseerd op dit concept. Maar in plaats van een switch om meerdere systemen te koppelen, zou het een strak gekoppelde heterogene computer worden.

Het Next Generation Supercomputer R&D Project is een poging om een 10 Pflop/s systeem te creëren tegen 2012. Het zal zo'n 115 miljard yen kosten (ongeveer 900 miljoen euro) en het zal worden beschouwd als één van de

"Sleuteltechnologieën op Landelijk Vlak".

De ambities van het Next Generation Supercomputer Project zijn:

1. Ontwikkeling en installatie van het meest geavanceerde HPC systeem;

2. Ontwikkeling en breed gebruik van toepassingssoftware om de supercomputer op zijn volle kracht te gebruiken;

3. Voorziening in een soepele computeromgeving door de next generation supercomputer te delen via verbinding met andere supercomputers bij universiteiten en onderzoeksinstituten;

4. Oprichting van een "Geavanceerd Computer, Wetenschaps- en Technologie Centrum"

Het gedetailleerde systeemontwerp is nu klaar en de constructie van de nieuwe gebouwen voor de computer en het onderzoekscentrum is reeds in gevorderde staat.

Het systeem zal afgestemd worden op 21 geselecteerde hoofdtoepassingen. Nanotechnologie en Life sciences werden aangeduid als Grand Challenges. Doel van de Life Sciences grand challenge is de volledige simulatie van levende materie. (Net als de Earth Simulator ontworpen werd om het volledige aardse systeem te simuleren.) Het gaat er dus om te starten met een model van een levende cel en dat te integreren tot op het niveau van het complete menselijke lichaam.

Men plant om het systeem uit te bouwen tot scalar units en vector units. De vector unit is gebaseerd op de Earth Simulator en daarom was de NEC technologie nodig.

Een nieuw onderzoekscentrum, CACST genoemd: Center for Advanced Computational Science and Technology (werktitel) wordt opgericht voor de studie van computerwetenschappen en computational science. Beide soorten onderzoek zullen bijdragen tot de ontwikkeling van nieuwe onderzoeksdomeinen en methodologieën. Momenteel ontwerpt men het centrum en de beleidspolitiek van de supercomputer, aldus Ryaturo Himeno.

Eenmaal het Next-Generation Supercomputer project beëindigd in 2012, zal een Next-Next-Generation, en een Next-Next-Next-Generation Supercomputer project leiden tot een exascale systeem, ongeveer rond 2022.
http://www.prace-project.eu/documents/deisa-prace-symposium-presentations/himeno_200900511RIKEN%28DEISA-PRACE%29web2.pdf
Sluit venster