07 februari 2012Sluit venster
eScience voorbij individuele wetenschap
Amsterdam - "Bijna niemand wint meer in z'n eentje een Nobelprijs." Barend Mons is een van de integrators die eScience in Nederland op de kaart moet zetten. De wetenschap staat volgens hem voor een fundamentele verandering in de benadering van onderzoek. Dat eScience (enhanced science) voor veel meer staat dan de technologische ontwikkelingen is een beeld dat eerder al door SURF-voorman Amandus Lundqvist en NWO-voorzitter Jos Engelen werd weerlegd. Ook eScience-voorman Jacob de Vlieg benadrukte dit eerder al. Barend Mons, bioloog en integrator van het eScience Center voor de discipline life-sciences, ziet ook die breedte van het begrip eScience. "Het gaat minstens zoveel over cultuur. De complexiteit van data vergt een fundamenteel andere manier van denken." Het eScience Center moet, om die complexiteit een gezicht te geven, de 'e' minimaal drie gezichten geven. 'eData', 'eCulture' en 'eValorization', zo legt Mons uit. De eerste daarvan heeft te maken met de enorme hoeveelheid data die in de verschillende disciplines voorhanden is. "Om dat te verwerken heb je eigenlijk al alle middelen van SURF en SARA nodig."

Minstens zo belangrijk is volgens Mons het overbruggen van de cultuurverschillen. "In een groot wetenschappelijk project werk je tegenwoordig nooit meer alleen met je eigen discipline samen. Daarom is het belangrijk dat je ook begrip en respect hebt voor andere disciplines. Wetenschappers denken altijd dat wat ze niet weten makkelijk is. Iedereen is net zo eigenwijs."

Toch zullen mensen moeten gaan samenwerken, soms met wel veertig toekomstige auteurs tegelijk. "Bijna niemand wint meer in z'n eentje een Nobelprijs. Grote wetenschappelijke projecten zijn tegenwoordig meer te vergelijken met een groot symfonie-orkest. Zelfs als iedereen top is, dan heb je nog geen dreamteam. Je hebt een dirigent nodig."

"Als je dan ook nog op de grote wereldpodia wilt spelen en echt publiek wilt trekken, dan heb je ook nog 'Joop van den Endes' nodig."

Daarmee komt Barend gelijk bij 'eValorization' terecht. "Wetenschappers zijn creatieve mensen, maar ze zijn vrijwel nooit een goede CEO, ze kunnen geen bedrijf leiden, en daardoor komt wetenschappelijke innovatie vaak niet tot maatschappelijke innovatie." En dat wordt in de nieuwe manier van wetenschappen nu juist wel zo belangrijk, stelt Mons.

"Als je een groot wetenschappelijk project hebt, waarbij achttien verschillende mensen software hebben gemaakt, of data verzameld, dan krijg je onvermijdelijk de vraag: wie bezit die onderzoeksuitkomsten dan? Als je dat soort dingen niet goed regelt, dan kun je nog wel het briljantste idee van de wereld hebben, maar dan stapt er geen bedrijf in."

Voor het eScience Center ligt volgens Mons daar een hele belangrijke taak. "We moeten deze nieuwe vorm van wetenschap evangeliseren. Als de nieuwe generatie dat niet kan oppikken en toepassen, dan zijn we nergens." Via het eScience Center worden de mogelijkheden en faciliteiten geboden in grote projecten te werken in deze nieuwe vorm.

Een tastbaar voorbeeld van deze nieuwe vorm van werken is het Collaboratorium dat het eScience Center op 30 maart in Amsterdam gaat openen. "Daar vind je een speciaal ingerichte ruimte met een grote muur vol aan elkaar geschakelde flatscreens en de mogelijkheid tot 'videoconferencing'. Je kunt op die manier bijvoorbeeld vijftien datasets in elkaar schuiven. Dan krijg je wat ik noem 'Ridiculograms', waar je soms zeker tien mensen met verschillende achtergronden nodig hebt om de informatie te begrijpen."

Mons gebruikt het voorbeeld uit zijn eigen onderzoeksveld 'Genome of the Netherlands' om de complexiteit uit te leggen. "Elke onderzoeker weet iets over een bepaald gen in die dataset. Als je die 'brains' samenbrengt, al die associaties in de hoofden van die mensen, dan kun je in dat soort complex onderzoek een tijdwinst boeken van weken."

Vanuit die gedachte stelt Mons ook dat het niet meer van deze tijd is om voor een bepaald onderzoek steeds te beginnen met alles wat er al over gepubliceerd is te lezen. "We gaan van 'reading' naar 'consulting'. Als je al die wetenschappers via videoconferencing of Skype bij elkaar brengt, kun je onderzoek veel sneller stappen laten maken."

De grote droom van Barend Mons in dat opzicht is het ontwikkelen van een speciale expert-finder in voor 'intellectual networking' in de life sciences. "Er zijn minstens 1,7 miljoen mensen in de wereld die over life sciences schrijven. Die moeten we allemaal karakteriseren en in een schema zetten. Dan kunnen we in zo'n 'ridiculogram' straks precies zien wiens 'skype-logo' er midden in ons cluster van 'genomen' staat en die dan ook direct benaderen voor advies."

Zo ver is het alleen nog niet, geeft Mons toe. "Je moet ten eerste de technieken ontwikkelen en vervolgens moet je ook nog een cultuuromslag onder wetenschappers zien te bewerkstelligen. Dat is een heel complex proces."

Als integrator van het eScience Center zal Mons zich namens de life sciences blijven inzetten voor de deze fundamentele veranderingen in het wetenschapsbedrijf. "Ik ben heel erg gemotiveerd. Ik ben in een fase van m'n carrière dat ik niet echt meer alles hoef te richten op publiceren. Daarom wil ik me richten op de transitie van tScience naar eScience."
http://esciencecenter.com/
Sluit venster